Ik betrapte mezelf er afgelopen zondag op dat ik er stiekem op hoopte dat Perez of Ocon Daniel Ricciardo in zou halen en de laatste podiumplaats tijdens de Grand Prix van Canada voor zich op zou eisen.
Ik kan niet helemaal precies verklaren waarom ik dat hoopte, maar ik vermoed dat het iets te maken heeft met het feit dat Ricciardo voor de derde opeenvolgende race naar het podium aan het rijden was en Max niet.
En dat verbaasd me. Hoewel ik het supervet vind wat Verstappen allemaal doet en dat het de Formule 1 in Nederland ongelooflijk populair gemaakt heeft c.q. aan het maken is, lijdt ik niet aan ‘Maxmania’. Ik vind mezelf redelijk objectief wat betreft de prestaties van Verstappen en zijn concurrenten. Goed is goed, slecht is slecht. Waarom dan toch iets slechts wensen voor Ricciardo?
De realiteit is namelijk: Daniel Ricciardo is momenteel een van de allerbeste Formule 1 coureurs die er rondrijden. De cijfers liegen niet. In 2014, in zijn eerste seizoen bij Red Bull Racing was hij viervoudig wereldkampioen Sebastian Vettel het hele seizoen de baas. 3-0 qua overwinningen, 238-167 in punten en 11-8 in het onderlinge kwalificatieduel. En dan werd Ricciardo in Australië ook nog eens gediskwalificeerd. Het zorgde er voor dat Vettel niet wist hoe snel hij weg moest wezen bij Red Bull Racing. Het zegt evenveel over hoe zeer Vettel toe was aan een nieuwe omgeving, als over hoe goed Ricciardo daadwerkelijk is.
Niet alleen is Ricciardo er verantwoordelijk voor dat Vettel, na een jaar lang zoek gereden te zijn, is vertrokken. Hij is er ook verantwoordelijk voor dat Max Verstappen vorig jaar versneld naar Red Bull Racing werd doorgeschoven. Vettel’s opvolger Daniil Kvyat was immers niet opgewassen tegen de Australiër. De goedlachse Ricciardo kroop steeds dieper onder de huid van de stoïcijnse Rus. De Grand Prix van Rusland was de druppel voor het teammanagement van Red Bull Racing die Kvyat terugstuurde naar opleidingsteam Scuderia Toro Rosso, alwaar Kvyat op het moment van schrijven nog altijd niet zijn vorm teruggevonden heeft.
Max Verstappen staat cijfermatig ook achter tegen Ricciardo. In punten staat het sinds ze samen rijden voor Red Bull 287-236, in podiumplaatsen 11-8, in het onderlinge kwalificatieduel staat het 14-10. Allemaal in het voordeel van Ricciardo. In overwinningen staat het 1-1.
Misschien dat ik heel veel Max-fans tegen de schenen schop met de volgende opmerking, maar die overwinning van Verstappen in Spanje is grotendeels toe te schrijven aan geluk. Ja, natuurlijk heeft hij een superknappe race gereden, maar hij had én het geluk van de betere strategie én het geluk dat beide Mercedessen elkaar van de baan gerost hadden. De overwinning van Daniel Ricciardo twee weken later in Monaco zou veel minder afhankelijk zijn geweest van de factor geluk. Ricciardo domineerde. Hij behaalde overtuigend de pole-position en was in de race op weg naar de zege totdat een mislukte pitstop roet in het eten gooide.
Deze column is niet geschreven om aan te tonen dat Verstappen minder is dan Ricciardio, maar juist om te benadrukken hoe uitzonderlijk getalenteerd Verstappen is doordat hij niet, net als Vettel en Kvyat, door Riccardio zoek gereden wordt. Veel Max-fans vinden dat hij Ricciardo maar even met twee vingers in neus moet verslaan, maar zo eenvoudig is dat niet. Daarvoor is Ricciardo simpelweg te goed.
Dit alles geplust en gemind hebbend kan ik me wel iets voorstellen bij de frustratie die Ricciardo voelt dat Red Bull er niet in geslaagd is om een competitieve auto te produceren. De Australiër is in de bloei van zijn carrière en moet ergens in de komende twee á drie jaar wereldkampioen worden als hij zijn talent tot het maximale wil benutten. Daarna is het aan de nieuwe generatie Verstappen/Ocon. Ik snap de flirt van de Australiër met Ferrari wel want de tijd begint te dringen.