De regelmakers van de Formule 1 slaan ook de plank wel eens mis. Enkele voorbeelden zijn de dubbele punten die werden toegekend aan de seizoensfinale in Abu Dhabi in 2014 en de afvallers-kwalificatie waarmee in 2016 geëxperimenteerd wordt. Wie heeft in de Formule 1 nu eigenlijk de macht om de regels te veranderen?
Het sportieve en technische reglement van de Formule 1 bestaat tegenwoordig uit bijna 200 pagina's. Ter vergelijking: In 1963 waren er slechts twee handgeschreven A4-tjes nodig om de sport in goede banen te leiden. Waarom is het allemaal zo gecompliceerd geworden?
Een belangrijke stem in het proces van regels maken is weggelegd voor de Strategy Group. Deze verzameling van kopstukken van teams, sport en FIA is een, volgens journalist Dieter Rencken van F1Fanatic.co.uk die onderzoek deed naar de aard van regelgeving binnen de sport, gedrocht van een orgaan dat we louter te danken hebben aan de vorige commercieel rechthebbende, CVC Capital Partners, wiens hebzucht geleid heeft tot een aandelenuitgifte van Formule 1 rechten op de beurs van Singapore. Om die uitgifte succesvol te laten verlopen had de CVC een toezegging van topteams Ferrari, McLaren, Williams en Red Bull Racing (en later Mercedes) nodig dat ze niet binnen een x-aantal jaar de sport zouden verlaten. In ruil voor die toezegging kregen de teams zeggenschap in de technische en sportieve regelgeving en astronomische bonussen voor, simpel gesteld, zeggen dat ze nog lang in de Formule 1 actief zouden blijven.
Oorspronkelijk was het de bedoeling dat de Strategy Group, waarin naast de topteams ook de FOM en de FIA vertegenwoordigd zijn, de Formule 1 commissie (waarin alle teams vertegenwoordigd zijn, maar ook technische partners, race promoters en sponsors zitting hebben) zou gaan vervangen, maar daar is door de FIA een stokje voor gestoken. Het liefst zou de FIA helemaal af willen van de Strategy Group, maar dat is vooralsnog onmogelijk gebleken omdat de grote vijf teams juridische geldige overeenkomsten met CVC Capital Group getekend hebben. Daarom is een compromis gesloten: De Strategy Group mag voorstellen indienen en erover stemmen, vervolgens gaan deze voorstellen, bij voldoende steun, naar de Formule 1 commissie en als laatste stemt de World Motor Sport Council erover.
Feitelijk hebben de grote vijf teams zichzelf hier een enorm voordeel toegeëigend omdat de kleinere teams op deze manier geen onderwerpen meer op de agenda kunnen zetten. Een onderwerp als een budgetplafond heeft voor de entree van Liberty Media nooit op de agenda van de Strategy Group gestaan. Liberty Media heeft sinds haar entree wel meer dingen veranderd aan de positie van de Strategy Group. Zo mogen teams die geen zitting hebben in de Group tegenwoordig wel bij de vergaderingen aanwezig zijn. Stemrecht hebben de kleinere teams nog niet, maar 'we weten in ieder geval wie voor een motie stemt en wie er tegen is', stelt een teambaas van een kleiner Formule 1-team.
De FIA is qua regelgeving dan ook gevangen in de Strategy Group. Het kan immers alleen in dat orgaan onderwerpen op de agenda zetten. Sinds de entree van Liberty is het voor de Internationele Autosportbond gemakkelijker geworden om regels te veranderen. Zoals FIA-president Jean Todt het verwoorde: 'Vroeger moesten we als FIA zaken doen met Ferrari, zaken doen met McLaren en zaken doen met Williams, nu werken we met professionals als Chase Carey en Ross Brawn. Met hen maken we de afspraken.'
Dat neemt niet weg dat personen als Toto Wolff, Maurizio Arrivabene, Christian Horner en Cyril Abiteboul, die zowel in de Strategy Group als in de Formule 1-commissie zitten een hele grote vinger in de pap hebben in de regelgeving van de Formule 1.
De geplande uitgifte van aandelen is er overigens nooit gekomen. Rond de tijd van de introductie werd Bernie Ecclestone in Duitsland aangeklaagd voor omkoping en is de hele onderneming afgeblazen.