Michael Schumacher won in 2002 de wereldtitel met 67 voorsprong op teamgenoot Rubens Barrichello. Ferrari dacht het zich derhalve te kunnen veroorloven om de F2003-GA met enige vertraging te kunnen introduceren en het seizoen 2003 te kunnen beginnen met een update van de wagen van het vorige jaar. Foutje bedankt.
In Australië kwamen de wereldkampioenen er niet aan te pas en finishte Schumacher niet eens op het podium. Voor het eerst in 53 races stond er geen Ferrari-coureur op het ereschavot. De overwinning ging naar David Coulthard (McLaren) die een race later zijn nieuwe teamgenoot Kimi Raikkonen in Maleisië zijn allereerste Grand Prix overwinning zag boeken. Schumacher werd na een incident met Renault-coureur Jarno Trulli slechts zesde.
In Brazilië haalde de Duitser niet eens de finish. In een door zware regen geteisterde Grand Prix spinde hij in de derde bocht niet des-Schumachers van de baan. Na drie races stond de teller voor 'Der Michael' op slechts acht punten.... Foute boel.
In Imola boekte Schumacher vervolgens een bijzonder emotionele zege vlak na het overlijden van zijn moeder en zorgde daarmee voor een passend afscheid van de F2002. In Spanje debuteerde vervolgens de F2003-GA, de GA staand voor Gianni Agnelli, de man die Ferrari in de jaren zestig had behoed voor een faillissement en die recentelijk was overleden. Schumacher won direct en boekte ook in Oostenrijk vervolgens een overwinning.
Toch ging het bij Ferrari allemaal niet van een leien dakje en moest de Scuderia toezien dat ze voor het eerst sinds jaren weer eens tegenstand kregen van niet alleen McLaren, maar ook het team van Williams had een goede wagen gebouwd. Dat werd geïllustreerd door het feit dat eerst Juan Pablo Montoya (Grand Prix van Monaco) en vervolgens Ralf Schumacher (Grands Prix van Europa en Frankrijk) er met de overwinning van doorgingen. In Hongarije won vervolgens Renault-talent Fernando Alonso zijn allereerste Grand Prix en leek de Schumacher-Ferrari-dominantie ten einde te zijn. Maar liefst acht coureurs slaagden er in 2003 in om een of meer races te winnen en Schumacher zelf won niet van de Grand Prix van Canada in juni tot de Grand Prix van Italië eind september.
Uiteindelijk trok de Duitser, die in het WK vocht tegen Kimi Raikkonen en Juan Pablo Montoya, door overwinningen op Monza en op de Brickyard in Indianapolis aan het langste eind door achtste te worden op Suzuka waar concurrent Kimi Raikkonen tweede werd en daardoor drie punten tekort kwam om wereldkampioen te worden.
Wat Schumacher uiteindelijk voor had op de concurrentie was continuïteit. De Duitser viel in slechts één van de zestien races uit en scoorde in de overige vijftien races telkens punten als waren het er soms maar één (Hongarije/Japan) of twee (Duitsland). Concurrenten Raikkonen en Montoya vielen respectievelijk drie en vier keer uit en verloren daardoor kostbare punten.
Het verschil van twee punten met Raikkonen was het kleinste verschil sinds 1994 waarmee Schumacher een wereldtitel won. Het beloofde veel voor 2004, maar in dat jaar stelde Schumacher orde op zaken door twaalf van de eerste dertien races van het seizoen te winnen al voor de zomerstop tot wereldkampioen gekroond te worden. Het kan verkeren.