Gisteren werd bekend dat Ron Dennis zijn resterende aandelen in de McLaren Technology Group verkocht heeft. Het betekent het definitieve afscheid van de man die 37 jaar lang aan het hoofd van het bedrijf en het Formule 1-team heeft gestaan.
Dennis werd in 2016 op een zijspoor gezet door de andere aandeelhouders en opgevolgd door de Amerikaan Zak Brown. Dennis trad in 1980 in dienst in bij McLaren en werd in 1981 als teambaas van het Formule 1-team aangesteld. Zijn aanstelling zorgde voor een professionalisering binnen het team dat er toe leidde dat het team met grote regelmaat meestreed om de wereldtitels. Eind jaren '80 en begin jaren '90 domineerde McLaren met het rijdersduo Alain Prost en Ayrton Senna en vierde Ron Dennis maar liefst zes wereldtitels in successie, drie rijders-kampioenschappen en drie constructeurskampioenschappen, nadat hij in 1984 al de eerste tastbare vruchten van zijn werk plukte door de wereldtitel van Niki Lauda en het constructeurskampioenschap.
De jaren die volgde op de successen uit het Senna/Prost tijdperk waren lastig voor McLaren. De Honda motor moest het afleggen tegen de superieure Renault motor en pas in 1997 werd er weer een Grand Prix gewonnen. David Coulthard was degene die ban brak voor het team dat inmiddels Mercedes-motoren achterin had liggen en met het wegkopen van Adrian Newey concurrent Williams een gevoelige slag had toegebracht.
De overwinningen in 1997 (drie in totaal) waren een voorbode van een nieuwe succesperiode. In 1998 en 1999 werd Mika Hakkinen wereldkampioen en ook na diens pensioen in 2002 boekte McLaren jaarlijks een of meerdere Grand Prix-overwinningen. Pas in 2007 deed het team weer echt mee om de wereldtitel, maar de interne teamstrijd tussen Fernando Alonso en Lewis Hamilton zorgde er voor dat uiteindelijke Ferrari-coureur Kimi Raikkonen er met de wereldtitel van doorging. Een jaar later ging de wereldtitel wel (en voor het laatst) naar Woking toen Hamilton, verlost van Alonso, in de laatste bocht van de laatste race de titel wegkaapte voor de neus van Ferrari-coureur Felipe Massa.
Tot en met 2012 was McLaren jaarlijks goed voor enkele Grand Prix overwinningen, maar sinds 2013 is de zegekar niet meer in Woking gesignaleerd. Dat betekent dat het team nu al viereneenhalf seizoen niet meer gewonnen heeft en dat is uniek voor het McLaren onder Ron Dennis.
Behalve sportieve successen zorgde Dennis ook voor een impuls van de organisatie van McLaren. In de jaren '80 verleidde hij Williams investeerder Mansour Ojjeh om partner te worden in McLaren en trok hij Honda motoren weg bij de concurrentie. In de jaren '90 bood hij ster-ontwerper Adrian Newey een godsvermogen om namens McLaren zijn innovatieve ontwerpen te realiseren en vergrootte hij het belang van Mercedes in het team om verzekerd te zijn van fabriekssteun. Dennis was hard, maar fair en bovenal realistisch. Het boek McLaren gaat na 37 jaar dicht.
'Ik wens McLaren alle succes', zegt Dennis. 'Hun verhaal gaat gewoon verder. Nu mijn tijd bij McLaren erop zit kan ik mij bezig gaan houden met nieuwe activiteiten en dan vooral die zich richten op de publieke dienstverlening.'
Terugblikkend stelt Dennis dat zijn grootste voldoening zit in het verbeteren van raceveiligheid. 'Dat is een eerbetoon aan de inspanning van honderden medewerkers die ik het voorrecht heb gehad om te mogen leiden.'
Ron Dennis gaat nu leiding geven aan Dreamchasing. Dit project begeleid jongeren om hun dromen werkelijkheid te maken. Lewis Hamilton kreeg deze begeleiding van Ron Dennis sinds zijn twaalfde en werd zoals gezegd in 2008 wereldkampioen Formule 1 met McLaren. Hamilton was de inspiratie om Dreamchasing op te zetten.
(Fotocredit: McLaren Technology Group)