Fernando Alonso had op het moment van schrijven minimaal vier of misschien wel vijf keer wereldkampioen Formule 1 moeten zijn. De Spanjaard had er het talent voor. De coureur heeft alleen ook een aangeboren talent om verkeerde keuzes te maken. Vandaag het derde deel over de totaal mislukte terugkeer naar McLaren.
Fernando Alonso wist het eind 2014 zeker: Bij Ferrari zou hij nooit wereldkampioen worden. Hij voorzag, net als mening ander volger, een periode van dominantie van Mercedes en wist dat hij een list moest verzinnen om aan het eind van zijn loopbaan als drievoudig wereldkampioen de geschiedenisboeken in te gaan. Hij woog zijn opties en koos voor een ambities project: McLaren-Honda.
Honda keerde in 2015 terug in de Formule 1 en had in (voormalig) topteam McLaren, dat al jaren ontevreden was over de behandeling als 'tweede team' van Mercedes, een ambitieuze klant gestrikt. Beide bedrijven hadden eind jaren '80 al eerder de handen ineen geslagen en de resultaten leidden indertijd tot mythische proporties. McLaren-Honda stond eind jaren '80/begin jaren '90 synoniem voor Formule 1 met de charismatische Ayrton Senna en stoïcijnse Alain Prost als uithangbord van dominantie. Totale dominantie.
History not repeating
Dat zag Alonso ook wel zitten. Wereldkampioen worden met de legendarische combinatie Mclaren-Honda. Natuurlijk, het was een lange termijnproject. Niemand verwachtte wonderen van de Honda-motor. 2015 zou ik het teken staan van opbouwen, 2016 zouden podiumplaatsen op moeten leveren en in 2017 zouden Alonso en teamgenoot Button moeten kunnen winnen en in 2018 zou de wereldtitel in beeld moeten kunnen komen.
Hoe anders het liep, is alom bekend. Alonso riep tegen iedereen die het horen wilde dat 2015 een testjaar was. Een testjaar akkoord, maar het verschil in vermogen tussen de Honda-motor en de rest van het veld was veelal schrijnend. Het noopte Alonso op Suzuka toen hij op het rechte stuk zonder moeite voorbij gereden werd door de Toro Rosso van Max Verstappen tot de legendarische uitspraak 'GP2-engine'. Een belediging, de ultieme klap in het gezicht van Honda. En dat ook nog in Japan. McLaren verwijt hun Japanse motorpartner vanaf het begin een gebrek aan progressie en valt de partner na verloop van tijd in het openbaar af.
Alonso scoort uiteindelijk in Hongarije het beste resultaat van het seizoen door vijfde te worden. De ambitieuze Spanjaard scoort dat jaar 11 WK-punten en moet teamgenoot Button voor zich dulden in het WK. Gezamenlijk vallen de McLaren-coureurs twaalf keer uit, veelal met motorproblemen.
Hoewel het in 2016 daadwerkelijk beter gaat, Alonso scoorde 54 punten, zoals van te voren was verwacht en ondanks een enorme klapper tijdens de seizoensopening in Melbourne, besloot Honda in de winter van 2016 het roer om te gooien en met een nieuwe motor op de proppen te komen voor 2017. De resultaten waren dramatisch. Honda had geen kleine stap terug gedaan, maar een reuzenstap. Stoffel Vandoorne, de opvolger van de gestopte Button, kreeg al in de vierde race van het seizoen een gridstraf voor zijn kiezen en een zichtbaar steeds meer gefrustreerde Alonso kreeg van McLaren als soort van goedmakertje toestemming om de Indy 500 te rijden. Het zette Alonso aan het denken over andere doelen. De Spanjaard besloot zijn pijlen te richten op de Triple Crown, want in de F1 viel er in 2017 geen enkele eer te behalen.
De maat van McLaren was vol. Het team dat in 2017 claimde het beste chassis van de grid te hebben, verruilde de Honda-motor in voor een exemplaar van Renault en hoopte een flinke stap voorwaarts te maken in 2018 en misschien zelfs al wel de aansluiting met de top-3 te vinden. Desondanks koos Alonso er, op jacht naar deel 2 van zijn Triple Crown, voor om een jaar F1 te combineren met een seizoen in het WEC.
Alonso slaagde in zijn opzet om de 24 Uur van Le Mans te winnen, maar beleeft in de Formule 1 opnieuw een tegenvallend jaar. Waar Honda met nieuwe partner Toro Rosso af en toe verrast met top klasseringen komt Alonso in de McLaren, waar het al tijden onrustig is en waar het chassis misschien dan toch niet zo goed was als vorig jaar werd geclaimd, niet verder dan zevende, achtste en negende plaatsen. Het leidde ertoe dat de Spanjaard zijn ambitie om voor de derde keer wereldkampioen te worden los gelaten heeft en een punt achter zijn imposante F1 loopbaan zet om volgend jaar (naar alle waarschijnlijkheid) gaat proberen om zijn Triple Crown te verwezenlijken door niet alleen de Indy500 te winnen, maar ook het WEC kampioenschap op zijn naam te schrijven. (Foto: Red Bull)